Gebruikershandleiding CEON Wiskunde modules

De CEON Wiskunde modules kennen een beginscherm waarin een introductie, de didactiek, het gebruik van de module en de doelstelling van de module en tenslotte de wiskunde-applicatie (hoofdmenu) zelf worden gepresenteerd.

Naar hoofdmenu
Wanneer je dit icoon aanklikt beland je in de werkelijke wiskunde onderwerpen. In deze module worden alle voor het HAVO-A wiskunde programma van belang zijnde onderwerpen uitgelegd en zijn voor elk onderwerp opgaven opgenomen die gemaakt dienen te worden.

Introductie
In de introductie wordt aangegeven waarom we gekomen zijn tot het ontwikkelen van (eLearning) wiskunde modules.

Didactiek
In dit deel wordt kort nader ingegaan op de gekozen aanpak voor het uitleggen van Wiskunde vraagstukken en het maken van opgaven.

Gebruik van de module
Deze gebruikershandleiding vormt een onderdeel van dit icoon. Het legt uit hoe je op een efficiënte wijze van de Wiskunde module gebruik kunt maken.

Doelstelling van de cursus
In dit onderdeel wordt uitgelegd wat we trachten te bereiken met de Wiskunde modules.

Wiskunde module

De wiskunde module bestaat uit de volgende sub-modules;

1. Tabellen
2. Grafieken
3. Veranderingen
4. Tellen en Kansen
5. Tellen en Kansen
6. Statistiek
7. Verbanden
8. Toegepaste analyse
9. De Binomiale verdeling
10. Examenopgaven

Elke sub-module behandelt de volgens het examenprogramma voor Wiskunde HAVO-A (WA 12) van belang zijnde onderwerpen.

Tabellen

De sub-modules hebben alle eenzelfde opzet. We behandelen hier als voorbeeld de module Tabellen in detail echter voor de overige modules geldt dezelfde aanpak.

Uitleg
Klik je Uitleg aan dan verschijnt de uitleg in tekst op het scherm, tegelijk hoor je een stem die zegt wat op het scherm vermeld staat. Het opgelichte deel van de tekst wordt op dat moment uitgesproken.
Wil je de stem niet horen dan kan je het geluid uitzetten. Zie hieronder.

Het systeem stopt zo nu en dan om de leerling de kans te geven de uitleg nog eens te lezen. Wil je verder gaan klik dan op de groene pijl rechts onderaan het scherm.

Wil je het scherm onderweg stil zetten klik dan op de knop links van de balk, je kunt weer verder gaan door opnieuw op de knop links van de balk of op de groene pijl te klikken.

Aan de knop in de beweegbare balk kun je zien waar het systeem is. Je kunt de knop bewegen door op de knop te gaan staan en deze naar links of rechts te bewegen.

Als de knop aan het eind van de balk is gearriveerd stopt deze om dan verder te gaan moet je de groene pijl aanklikken. Het systeem keert dan terug naar het sub-menu van het onderwerp.

Opgaven

De antwoorden op de vragen (hier c.) dienen in de blokken naast de opgaven ingevuld te worden. Wanneer tweemaal een fout antwoord wordt gegeven dan verschijnt automatisch het correcte antwoord op het scherm. Door op de rode knop te klikken verdwijnt het verschenen antwoord weer.
Bij een juist antwoord wordt de knop voor het antwoord groen en wordt een score bijgehouden. Elk goed antwoord levert 10 punten op. Zie hieronder.

Wanneer je terug wilt gaan naar het hoofd- of sub-menu klik dan links boven ‘terug’.

Onderaan het scherm vind je de volgende hulpmiddelen die je kunt gebruiken bij het uitwerken van opgaven.

1. Rekenmachine
2. Trefwoordenregister
3. Kladblok
4. Terug naar het hoofdmenu
5. Grafieken
6. Overzicht formules

1. Rekenmachine
De rekenmachine kun je gebruiken voor het uitwerken van opgaven. Je kunt de rekenmachine over het scherm bewegen door de cursor op de rekenmachine te zetten en vervolgens te verslepen.
AC = veeg het scherm schoon.
Uit = laat het venster van de rekenmachine verdwijnen.

2. Trefwoordenregister
In het trefwoordenregister vind je de uitleg voor alle wiskundige begrippen die in de wiskunde module worden gebruikt. Zie een voorbeeld hieronder.
Klik het Trefwoordenregister aan en selecteer het gewenste begrip door gebruik te maken van de Choice list (schuifje) en vervolgens het begrip aan te klikken, de omschrijving verschijnt als hieronder voor een ‘Hyperbool’ aangegeven.

Het ‘zoeken’ venster verdwijnt door op 'Zoeken' te klikken. Het venster met de Begripsverklaring verdwijnt door het kruis rechtsboven aan te klikken.

3. Kladblok
Een kladblok is voor persoonlijk gebruik opgenomen. Je kunt tijdens het uitwerken van een opgave hier informatie vermelden om dit tijdens het uitwerken van de opgave te gebruiken. De inhoud wordt niet opgeslagen.

4. Terug naar hoofdmenu
Dit icoon wordt gebruikt om terug te keren naar het hoofdscherm. Het icoon heeft dezelfde werking als het aanklikken van ‘terug’ boven in het scherm.

5. Grafieken
Met behulp van de Grafiekenicoon kun je de verschillende soorten grafieken maken die in de opgaven worden gevraagd. In deze module wordt van het Icoon Grafieken geen gebruik gemaakt.
Het tekenen van de grafiek wordt door het systeem gedaan. De leerling dient de tabel met waarden (cijfers) te vullen, aan te geven welke type grafiek men wenst om vervolgens de knop tekenen in te drukken. De grafiek verschijnt nu, door de knop antwoord aan te klikken
zie je hoe de Grafiek er volgens het antwoord moet uitzien. Stemt de Getekende grafiek overeen met het Antwoord dan wordt de score toegekend en kleurt de bijbehorende knop groen.
Niet van toepassing voor HAVO-A.
6. Overzicht formules

De meest gebruikte formules worden hier getoond als hulp bij het maken van opgaven.

Radioknoppen
Soms wordt in een scherm zoals hieronder gevraagd om een radioknop aan te knikken. Een radioknop wordt gebruikt om de leerling een keuze te laten maken uit mogelijke antwoorden op een vraag. Het juiste antwoord wordt gegeven door de van toepassing zijnde knop aan te klikken. Uit de gegeven antwoorden is slechts één antwoord van toepassing Zie hieronder.

Je kunt hier uit twee mogelijkheden kiezen. Klik je de juiste knop aan dan klinkt applaus, kleurt het blokje groen en kent de score punten toe. Bij het aankliken van de onjuiste knop kleurt het blokje rood en wordt geen score toegekend. Bij 2 keuzemogelijkheden is één poging mogelijk.

Bij meer dan 2 mogelijkheden is ook maar één keuze mogelijk om te scoren.
Bij de tweede onjuiste keuze wordt het antwoord getoond.

Grafieken
Omdat het tekenen van grafieken bewerkelijk is en deze activiteit in de praktijk door software automatisch wordt uitgevoerd na uitlevering van gegevens, hebben we in deze module besloten om voor het maken van tekeningen (grafieken, boxplotten etc.) de leerling te vragen ,indien gewenst, eerst zelf handmatig de tekening te maken en deze vervolgens te vergelijken met de aangeboden drie oplossingen. Eén oplossing is correct en dient om te scoren direct aangeklikt te worden.

Zijn meerdere antwoorden mogelijk dan maken we gebruik van Ja/Nee knoppen. Zie hierna.
Vraagknoppen
Af en toe worden op een opgavescherm knoppen gebruikt die aanvullende informatie geven voor het maken van opgaven. Hieronder zie je de knop ‘Tabel weergeven’ op het scherm vermeld. Door deze knop aan te klikken verschijnt aanvullende informatie (een tabel, een grafiek of tekst). Dit informatiescherm kan je verplaatsen en laten verdwijnen door opnieuw op de knop te drukken of op het kruis te klikken in het informatiescherm.

Ja/Nee antwoorden
Bij enkele multiple choice opgaven zijn meer dan één antwoord mogelijk.
Om dit te bereiken dient bij elke vraag aangeklikt te woorden of de vraag Ja of Nee juist is. Zie hieronder.

De scoretoekenning is afhankelijk van het aantal mogelijkheden en het juiste aanklikken van de Ja/Nee-knop. Het aantal juiste antwoorden bepaalt de score. Bijv. (zie hierboven) 6 scoremogelijkheden, maximale score 10 punten. Aantal correcte antwoorden aangegeven door . Score 4 gedeeld door 6 keer 10 = 6,7 = 7 punten (0,5 of hoger wordt afgerond naar boven op 1).
Examenopgaven

Voor examenopgaven is de puntentelling voor de score aangepast aan het correctievoorschrift.
Daarnaast is een klokje aanwezig dat aangeeft hoeveel tijd inmiddels gebruikt is en waarschuwt wanneer de tijd verstreken is.

Examenvraagstukken zijn soms in multiple choice vragen of in Ja/Nee-vragen omgevormd om deze geschikt te laten zijn voor een eLearning omgeving.

Het eindcijfer wordt automatische door het systeem bepaald op basis van de officiële
Normeringstabel.

Rapportage examenresultaten

Hieronder zie je de scoreresultaten van examens.

Max. betekent het aantal punten dat volgens de Norm maximaal kan worden behaald voor een examen.

Werk. geeft aan het aantal punten dat volgens het Correctievoorschrift door de maker van het examen is behaald. Tijdens het maken van de examenopgaven wordt deze waarde opgebouwd. Dus bij voltooiing van de examenvragen zie je hoeveel punten je uiteindelijk hebt behaald.

Cijfer dit getal geeft aan welk cijfer je volgens de Regeling beoordeling centraal examen zou hebben behaald. Uiteraard wordt dit cijfer gedurende het maken van de examenvragen opgebouwd en vindt bepaling van het cijfer volgens de omzettingstabel plaats. Het echte eindcijfer wordt bereikt na voltooiing van alle opgaven.

Klik ‘Set score op 0’ aan dat zich op elk scherm linksboven bevindt. Na het aanklikken verschijnt de volgende boodschap.

Klik dit aan en de scores worden op nul gezet.
Bij terugkeer in de module zie je dat de scores op nul staan.